}
Traveling is tasting the world ( Henny Bröcheler)
www.worldtravellers.be
 
If you cannot read Dutch, you can choose any language with the google translate tool

Kenia - Kenya 2019

Alweer een grens

De donderwolken hebben we gezien maar de laatste drie dagen hebben we daar geen last van gehad. We rijden de weg terug naar Mbale en in Malaba steken we de Keniaanse grens over.
Tussen honderden vrachtwagens over een hobbelige stofferige piste zijn we behoedzaam onze weg aan het zoeken naar het gebouw waar de diensten van beide landen onze papieren kunnen stempelen. Ook hier zijn grote werken aan de gang en wordt een brug gebouwd.
Immigratie verloopt vlot dankzij de loketten van Uganda en Kenia die op een en dezelfde rij zijn ingericht. Maar de douane is nog niet zover georganiseerd. We moeten door de chaos, 500 meter terug naar de Ugandese ingang van het complex om onze exit stempel voor onze carnet de halen.


nummerplaat van Kenia
Eldoret - de stad van de Marathon kampioenen

Eldoret

De Kalenjin is de meest invloedrijke stam in Kenia (12% van de bevolking), twee vorige presidenten van het land behoorden tot die stam. Oorspronkelijk zijn ze 2.000 jaar geleden geëmigreerd uit Soedan en hebben zich langs het noord westen van Kenia, eerst in Turkana en later verder naar het zuiden, als de klimaatomstandigheden in het noorden te bar werden, verspreid. Maar de stam is vooral bekend omwille van het feit dat 75% van alle Keniaanse hardlopers ervan afstammen. En Eldoret is de geboortestad van enkele van hen. Zou het gelegen zijn aan de hoogte waarop Eldoret ligt, 2.000 m, of is het een combinatie van de hoogte en de langere achillespees?

Eldoret is in 1910 door de voortrekkers uit Zuid Afrika gesticht. Dat die voortrekkers die afstanden, met hebben en hou, destijds hebben afgelegd verdient groot ontzag. Waarschijnlijk waren ze ZA ontvlucht na de boerenoorlog met de Engelse.

onze prachtige kampeerplaats in Eldoret - camping Naiberi River resort
 


eindelijk zagen we Colobus monkeys - lange witte haren en een dikke witte staart

we verlaten Eldoret en Kibale en trekken naar het Noorden
voor meer foto's van onze eerste dagen in Kenia klik hier

Verkeer in Kenia

Het verkeer in Kenia verschilt niet zoveel met dat in Uganda. De meerderheid van de weggebruikers zijn mannen met motorfietsen. Inderdaad vrouwen zie je niet vooraan op een motorfiets, alleen achteraan als tweede, derde of vierde passagier. Er rijden wat meer auto’s rond en in de steden zijn er ook de roekeloze busjes die zich alles permitteren. Sommige vrachtwagen chauffeurs wedijveren met de masatus. Nog maar een paar uur in Kenia moesten we al de rijbaan verlaten omdat een vrachtwagen in een afdaling een paar collega’s wou achter zich laten en daarvoor over de gele middellijn op onze rijstrook reed.

Er is meer politie zichtbaar op de wegen in Kenia maar dat belet niet dat zoals in Uganda de meesten lak hebben aan regels.
Om de snelheid in de omgeving van de dorpen of voor bochten of bij hellingen, te temperen worden verkeersremmers gebruikt. Zij bestaan in alle mogelijke uitvoeringen en soms zijn er, met een onderlinge afstand van maar zestig meter , vijf op een rij! Je moet er niet sneller over dan maximum 20 km/u. Soms zijn ze aangegeven door verkeersborden of zijn ze wit gestreept maar soms ook niet. Soms zijn het de bewoners die aardedammen over de straat leggen en we hebben die zelfs meegemaakt op een uiterst slechte aardeweg waar je toch al niet sneller dan 20 km/u kan rijden. Of al die verkeersremmers het aantal verkeersslachtoffers drastisch verlaagt blijft een vraagteken. Wat ze zeker wel veroorzaken is een enorme pollutie. Afremmen, terug optrekken, koppeling gebruiken veroorzaakt veel fijn stof en dan zijn er de oude diesels die massa’s roet produceren. Maar het begrip pollutie is hier in Afrika onbekend.

 
zie hier een video van de vreselijke verkeersdrempels in Kenia

De weg naar het noorden

In Eldoret hebben we gisteren onze voorraden kunnen aanvullen. We hebben vanochtend redelijk vroeg afscheid genomen van onze gastheer van Barnleys gasthuis, 25 km ten noorden van Kitale. Van Richard kregen we info mee over de toestand van de wegen en wat we moeten zeggen tegen politie bij road blocks die proberen een konvooi rit aan te smeren. We rijden naar het Turkana meer, westelijke oever. Een rit van 344 km die we in acht uur kunnen afleggen.
De noord westelijke regio is nu veilig hoewel er nog spanningen zijn tussen verschillende stammen.

in het NW van Kenia leven veel stammen - hier een vrouw van de Turkana stam - zij dragen veel kralen rond de nek

De kronkelende asfaltweg, de A1, heeft hier en daar wel gaten maar het rijdt vlot. We naderen Kainuk - ongeveer halfweg -. De laatste 60 km reden we op nieuwe asfalt maar de Chinese aannemer had wellicht geen pletwals. Ruw en schokkerig. In Kainuk wordt een brug gebouwd over de brede rivier en de aansluitingsweg midden in het dorp. Het is uitkijken waar we mogen rijden. Een militair vraagt ons waar we naartoe reizen. De weg verder is niet veilig zegt hij. Hebben jullie plaats in de auto? Vraagt hij. Een snelle blik naar achter in de FJ maakt duidelijk dat daar niemand meer bij kan. Dan moeten we een transport organiseren repliceert hij, en dat kost shilling. We hebben daar geen oor naar en maken hem duidelijk dat we zonder escorte ook wel onze bestemming zullen bereiken. We zeggen bye, bye en starten de FJ.
Vermits de nieuwe brug er nog niet is moeten we door de brede bedding. Gelukkig staat die nog droog. Het regenseizoen loopt hier wat achter!

een Masai met zijn dromedarissen
de wegen zijn voorzien van uithollingen voor het water van de rivieren

Nog 170 km naar Eliye springs aan het Turkana meer wijst de gps aan. Nog 100 km naar Lodwar. De weg is veranderd in iets waar je niet traag kan op rijden vanwege de vele stroken wasbord maar ook sneller dan 50 is gevaarlijk. De kapotte asfalt is ooit eens bedekt met witte aarde stenen en zand om hem weer vlak te maken, maar dat is al lang geleden want vele stroken zijn weggewassen en dat zijn soms vervaarlijke kuilen en verzakkingen. De drie ton wegende FJ probeer ik te sparen maar traag rijden doet de hele auto dreunen en dan tel ik het aantal uur dat we over die vermaledijde weg moeten laveren. Een paar Toyota Land Cruisers zijn ons al voorgestoken, maar die hebben niet dezelfde lading. Toch moeten we sneller om het gedreun te vermijden!

Ontelbare droge rivierbeddingen moeten we over, die zijn in beton en zijn smal, veel smaller dan de huidige weg, en de aanpalende asfalt die nog is overgebleven is gebroken. Het is dus telkens hard afremmen en bij het uitkomen van de bedding is het beter een nieuw spoor te volgen naast de gebroken asfalt. Dan is het weer laveren de plaatsen opzoekend, op de witte weg, met de minste putten!

een vrouw van de Turkana stam - wel heel kleurrijk
 
 
de wanden van de hutten van de Masai en de Turkana zijn ofwel gemaakt uit leem ofwel volledig uit riet
 
wie heeft er voorrang?
voor meer foto's van onze rit naarhet NW van Kenia tot Hodmar klik hier

Turkana meer

In Lodwar gooien we de tank nog eens vol. Het is er schroeiend heet. 39° en er staat een felle woestijnwind. We zijn aan het meer aangekomen, 15u45, de wind blaast hier ook en het is hier ook 39° C. We hebben het traject dan toch nog in minder dan 8 uur afgelegd!
De lage palmbomen aan het witte strand geven niet veel bescherming tegen de zon en ook niet tegen de wind. De FJ staat wat hoger en we hebben zicht op een van de vulkaan eilanden in het meer.
Vanochtend hadden we op 2.000 meter nog een temperatuur van 15° en nu 39°, en de laatste week waren we constant op grote hoogte nu op 460 m. Wij zijn dus niet geacclimatiseerd.

we rijden in de woestijn naar Turkara Lake
op de camping op zoek naar een plaatsje

Vannacht was de temperatuur nog altijd 33° en dat vinden we allesbehalve comfortabel. In plaats van hier nog een nacht te blijven besluiten we het mooie oord toch maar te verlaten.

Dit Turkanameer in de grote slenk is het grootste permanente woestijnmeer in de wereld en het grootste alkalinemeer in de wereld. Het herbergt ook de grootste populatie van de Nijl krokodil. Drie rivieren stromen het meer in maar geen stroomt eruit. Tussen 1975 en 1993 daalde het waterpeil met 10 meter! We werden niet lastig gevallen door de krokodillen en ook niet door de ontelbare schorpioenen die in de lavarotsen aan de oever van het meer leven en we werden ook niet overvallen door de Turkana stam die de woestijn een nomadisch leven lijdt.
Om geschikt gras voor hun vee te vinden moeten de Turkana soms wel drie weken lopen. Zij trekken zo nodig wel een week rond zonder voedsel, met enkel water bij de hand.

hier stonden we heel mooi maar het was veel te warm

Hun lage hutten in de vorm van halve bollen, snel op te trekken uit boomstammetjes, grassen en palmboomblad, nemen zij met zich mee. In de tijden van extreemlangdurige droogte zijn de traditioneel levende Turkana’s aangewezen op het vlees, de melk en het bloed van hun geiten,ezels en kamelen. Een van hun dranken maken ze met gefermenteerde melk, aangevuld met bloed en urine van koeien. Santé!
Tatoeëren doen ze ook. Op de linker schouder wordt een tatoe geplaatst voor elke vijandige vrouw die ze gedood hebben op de rechter schouder een tatoe voor elke vijandige man..


de mooie kleuren in de woestijn

eenzaam in de woestijn
voor meer foto's van onze rit naar Lake Turkana klik hier

Vaarwel Turkana

5 mei 2019.
De wind blaast nog steeds fel, een warme wind. Het is nog geen 7 uur in de ochtend, de zon jaagt de temperatuur op, al 35°! Met de voeten in het zand en in de schaduw van de FJ ontbijten we. De koude douche die we nemen verfrist amper. Het zachte water is alkalisch, zoal het meer, en de temperatuur is geschat 36°

Langs 60 km zandweg, door de woestijn, naar Lodwar rijden we enkele Turkana nederzettingen voorbij enkele zijn bewoond. Nederzetting is een eufemisme voor maximaal een tiental hutjes. En vreemd, die hutjes staan niet alle dicht bij elkaar. Bij die dorpjes zijn de Turkana vrouwen, met de kralen rond de nek, begaan met gele plastiek bussen. Dat zijn de recipiënten waar ze water in bewaren. De enkele herders, veelal met kuddes geiten hebben steevast een wollen deken over de schouders, een stok in de hand en een gele bus. Als ze geen water dragen ligt de stok in de nek en liggen de armen over de uiteinden ervan.

de typische houding van de Masai herders: stok in de nek

Bij het zien van die kudde geiten denk ik dan hoe in de jaren 70 de Sahel steeds meer woestijn werd door overbegrazing. Het schaarse groen wat hier nog te vinden is wordt weggevreten door die kuddes.
Het is zondag en in Lodwar is het business as usual, maar toch vinden we de shop waar we drinken willen kopen, gesloten. We hadden kleine flesjes drinkwater willen aanschaffen want elke herder die we voorbij rijden smeekt om water. Voor we Lodwar binnenreden moesten we twee rivieren over. Aan de lage bruggen is het een drukte van je welste. Mensen met kruiwagens, mensen met gele bussen, motorfietsen bepakt met gele bussen. Alle proberen ze nog wat van het nog overblijvende roodbruine water uit de rivieren te scheppen!

Het schaarse groen wat hier nog te vinden is wordt weggevreten door die kuddes.

We hadden twee dagen voorzien aan het meer en het was er maar een. We besluiten om in een hotel hier in Lodwar te blijven vandaag, morgen rijden we dan terug naar Kitale. Het plan was om in Lokichar de A1 te verlaten en over een zandweg door de bergen naar Lake Baringo te rijden, ongeveer 270 km. Maar dat wordt ons ten stelligste afgeraden in het hotel. Die 270 km loopt door dun bevolkt gebied en het risico bestaat dat we er overvallen worden, zo wordt ons toch verteld. In dit deel van Kenia worden nog stammen twisten uitgevochten! De laatste jaren werden tal van initiatieven genomen door organisaties om die stammen twisten te ontmijnen.

opnieuw over de barslechte weg naar Kitale

Terug naar het zuiden langs een nu veilige maar rotslechte weg

De verzengende hete wind blaast ook hier in Lodwar. De mensen vinden ook dat het heet is, ze hopen op regen. Die brengt verfrissing.
Het relatief nieuw hotel waar we verbleven ligt ten zuiden van Lodwar, naast een nieuwe strook asfaltweg. De Chinezen hebben die weg bijna een meter hoger aangelegd dan het vroegere niveau. Die nieuwe strook weg is nog maar 10 km, de rest van de 90 km naar Lokichar zal het weer laveren zijn om de minst diepe putten op te zoeken. Wij zijn nog maar een paar km op de gladde asfalt en we worden opgeschrikt door enkele felle kloppen onderaan op de bodemplaat van de FJ. Die kloppen blijven aanhouden en doen de bodemplaat onder mijn zetel dreunen. Ik kijk onder de FJ maar kan niets verdachts vinden. Lieve dringt aan om terug naar Lodwar te rijden en daar hulp te zoeken. Ik keer de FJ en rij terug. Het geklop blijft weg. Ik kijk nog eens onder de auto en kan niets verdacht vinden. Naar Lodwar terug rijden en adequate hulp vinden zal veel tijd kosten en kunnen we dan nog vandaag in Kitale geraken?

zie maar eens hoe de weg eruit ziet
voor meer foto's van onze terugweg over de slechte baan klik hier

Lake Baringo NP en de andere soda meren

Van Kitale rijden we langs de makkelijke weg naar het meer. Langs Eldoret, Iten - ook een stad van lange afstand atleten -, Kabarnet en Marigat. Vanaf Iten, wij rijden dan nog steeds op een hoogte van 2.200 m, begint de weg te dalen. Beneden ons, 1.200 meter dieper zien we een grote groene vallei begroeid met droge doornstruiken, de Kerio vallei, in een grote ovalen krater. In de vallei loopt de Kerio rivier naar het seizoen meer Lake Kamnarok. De rivier heeft de reputatie van besmet te zijn van krokodillen. Sinds de vallei in 1983 een nationaal park werd is het wild bestand toegenomen met inbegrip van olifanten (500).

De weg loopt langs de rotskam die zich rond de vallei verheft, kronkelend naar beneden. Een ongewoon schouwspel de weg die langs die rotswand soms steil naar beneden gaat. Langs de weg rijden we af en toe verkoopsters voorbij die papaja, mango’s en bananen aan de zeldzame voorbijgangers proberen te verkopen. Beneden is de temperatuur met 10° gestegen tot 35°. Lang rijden we niet op de bodem van de vallei, we klimmen de rotswand op aan de andere kant van de kom. Helemaal weer tot 2.200 meter tot in de stad Kabarnet, en de temperatuur is weer tot een aangename 25° gezakt. Kabarnet is druk en zoals op zovele plekken draaien ook hier alle hoofden om als we langzaam voorbij rijden.

Lake Baringo op de achtergrond

Lake Baringo, ook een sodameer, in de grote slenk ligt op ongeveer 1.000 m hoogte. Dat is 600 m hoger dan het 250 meer naar het noorden gelegen Turkana meer. In 2014 is het meer buiten zijn oevers getreden met grote overstromingen tot gevolg. In het resort waar we verblijven is de helft van het vroegere terrein verdronken. De kale boomstammen die uit het wateroppervlak aan de oever boven het meerniveau uit steken zijn daar getuige van. Het meer was vroeger een van de verzamelplaatsen van de flamingo, maar die is nu weg omdat er geen ondiep water meer is.
De flamingo’s missen we maar niet de vele veelkleurige vogels ( meer dan 400 soorten ).
Zoals in het Turkana meer zijn ook hier de krokodillen in de maand mei ergens op vakantie, maar de nijlpaarden waren wel present en kwamen ons ‘s nachts opzoeken.

we genoten van alle rust aan Lake Baringo
we zagen tientallen verschillende soorten vogeltjes
Hornbill
om drie uur 's nachts werden we gewekt door nijlpaarden - dit is het beeld dat we zagen vanuit onze tent
voor meer foto's van ons verblijf aan Lake Baringo klik hier

Lake Elementaira en zijn pelikanen

Zo’n 50 km zuidwaarts ligt er nog zo een meer, Lake Borgonia. Vroeger ook bezocht om de grote kolonies flamingo’s maar ook dit meer is groter geworden en de ondiepe oeverstroken die er vroeger waren liggen nu ook te diep om de flamingo’s te voorzien van plankton.
En er zijn nog soda meren verder naar het zuiden in de grote slenk. Nakuru slaan we over - wij zijn ondertussen weer eens over de evenaar gereden en zijn terug in het zuidelijk halfrond - maar het kleinere meer nog wat zuidelijker, Lake Elementaira, is bekend om de broedplaats te zijn van de grootste kolonie witte pelikanen. De grootste van oost Afrika. Daar hebben we onze tent opgezet. Deze keer hebben we geluk, het is het broedseizoen. Die witte pelikanen hebben we van dichtbij kunnen bewonderen, de kolonie flamingo’s, hier nog wel aanwezig, verbleef aan de andere kant van het meer. De nijlpaarden hebben we alleen maar gehoord, niet gezien.

allemaal mooi op een rijtje
een vliegende pelikaan

de enige plaats in Oost Afrika waar de kolonie van witte pelikanen komen broeden is aan het Elementaita meer - hier is ook een stopplaats van flamingo's

zien we hier een eenzame flamingo of is het een reiger
voor meer foto's van Lake Elementaita klik hier

Naivasha en de rozen

Vijftig kilometer naar het zuiden ligt het meer Naivasha. Het is het hoogst gelegen meer (1.884 m) van Afrika in de oostelijke deel van de grote slenk. Het is een zoetwatermeer omringd door bergen van vulkanische oorsprong. Het meer heeft een positieve waterbalans. Het meer heeft geen bovengrondse uitstroom, maar via grondwaterstromen vindt de afstroom plaats naar lager gelegen bekkens. Wij kamperen aan de oevers van het meer beveiligd tegen de grote aantallen nijlpaarden door een elektrische afsluiting.

Wij kamperen aan de oevers van het meer beveiligd tegen de grote aantallen nijlpaarden door een elektrische afsluiting.

Het meer heeft een interessant verleden. Amerikaans president Roosevelt was hier ooit en toen hij geen vis had gevangen - het meer was enkele jaren voordien tijdelijk drooggevallen - liet hij baars uit Amerika komen en later rivierkreeft. De rivierkreeft heeft zichzelf uitgeroeid doordat ze haar voeding uit het meer had weggevreten. In de jaren 1980 zijn op de oevers van het meer de bloemen boerderijen begonnen met het kweken van rozen. Er was voldoende water voorhanden en de vulkanische grond is bijzonder vruchtbaar en de plaats ligt op 10 km van de evenaar en kan dus rekenen op een constante zonneschijn. Eerst werden de rozen in open lucht gekweekt. Dat is nu niet meer zo, na een lang leerproces om de kweek milieuvriendelijk te maken. Sommige kwekers produceren zoveel biomassa die ze volledig onafhankelijk maakt van externe energie. Ook wordt het gebruikte water gerecycleerd en worden gebruikte meststoffen gerecupereerd. 35% van de rozen worden naar Europa uitgevoerd en ongeveer twee miljoen mensen werken in de bloemenindustrie in Kenia.

in de verte zien we een deel van de stad die bebouwd is met bloemen serres
 
ingang van een bloemenserre - met de naam van een Nederlandse uitbater of eigenaar
er werken veel migranten in de bloemen serren - maar hun levensomstandigheden zijn niet al te rooskleurig

De pittoreske weg naar Thika

Onze verblijfplaats aan het meer was winderig en kil en nat. We rijden vandaag richting Thika zuid van Mount Kenia. Op de drukke A104 naar Nairobi komen we aan een van de zovele politie road blocks. Een van de agenten doet teken dat we mogen doorrijden - zoals meestal - een andere laat ons halt maken. Na een uiterst vriendelijke begroeting, ik kreeg niet de tijd om te vragen of hij Lukaku kent, zegt hij dat hij mij een boete moet geven omdat een van mijn remlichten niet zou functioneren. Ik moet de FJ nog wat dichter bij de berm parkeren. Lieve wil uitstappen maar dat is blijkbaar niet wat hij wil. Hij wijst op het drukke verkeer langs de FJ.
Een ogenblik later staat Lieve en de agent achter de FJ, ik druk op de rem. De man kan niet anders dan vaststellen dat hij zich vergist heeft (?). Lieve maakt hem duidelijk met twee vingers naar haar ogen gericht dat hij beter moet leren kijken.

opnieuw reden we tussen de thee plantages

De A104 richting Nairobi blijft maar stijgen. Op 20 km zijn we van 1.800 m hoogte naar 2.700 m hoogte gereden en het is hier amper 13°! Op de top verlaten we de hoofdweg en de secundaire weg, de A3, heeft betere tijden gekend. Hoe verder we rijden hoe meer putten. Hier en daar vullen lokalen de diepste putten met aarde in de hoop daarvoor beloond te worden door de voorbij rijdende auto’s, busjes en vrachtwagens. Het heuvelige parkoers door het Gatamaiyo forest reserve was het slechtst. De kronkelige weg nu is pittoresk, eenmaal rijden we op de kam van een berg wat later dalen we af naar een smalle vallei om dan weer te stijgen. In de dorpjes en langs de weg staan standjes die groenten maar ook opvallend veel ananas aanbieden.

we reden tussen de koffie plantages

We zijn bijna op onze bestemming, we rijden nu al 8 km op een rode aardepiste, ook voorzien van vele snelheidsremmers in de dorpen, maar het waypoint van het resort dat ons doel is, ligt een paar honderd meter rechts van onze weg en er loopt geen baan naartoe. Na een paar keer vragen weet uiteindelijk toch iemand te vertelellen hoe we er moeten geraken. De aardeweg voor de school inslagen. De smalle weg loopt wat verder door een bos en langs een moeras. De weg is soms slijkerig soms is het ruwe rotsbodem. Na nog wat vragen en ettelijke ruwe off-road komen we aan de boerderij omgebouwd tot resort. De boerderij is eigenaar van een 3.000 ha koffie plantage. Het is ooit eigendom geweest van een Brit en van de huidige president Uhuru Kenyatta.

onze lodge was heel moeilijk te vinden en de weg werd smaller en smaller
de weg naar tussen de koffieplantages was vreselijk slecht
onze medebewoners in de lodge - ofwel zijn het Silky momkeys ofwel Blue Monkeys - ze hebben leuke witte oortjes
voor meer foto's van Lake Navaisha en omgeving klik hier

Mount Kenia

Van de uitgestrekte en moeilijk te bereiken koffieplantage rijden we richting Castle forest lodge in NP Mount Kenia, amper 160 km. Mount Kenia, de tweede hoogste berg van Afrika 5.199 m hoog krijgen we niet te zien. Verkeerd seizoen! Naar Castle forest lodge is het vanaf het toegangshekken 5 km klimmen naar 2.100 m langs een smal paadje in een dichte tropische begroeiing. De lodge bestaat uit een centraal gebouwtje en enkele bungalows op een grote vrijwel kale ruimte. Er is ook een kampeer terrein maar het risico van vele regenvlagen en de kille temperatuur doen ons kiezen voor een kamer in plaats van een verblijf onder de sterren.

op 2100 m aan de mount Kenia vonden we deze leuke lodge
 
 
opgelet wilde dieren ....maar alleen geiten en paarden hebben we gezien

Tot vijf jaar geleden kwamen olifanten en antilopen regelmatig op bezoek, maar dat is verleden tijd, schuld van de stropers. Het park is groot en de top van de berg is nog wel een 15 km verwijderd, een groot gedeelte van het park ligt hoger dan 3.000 meter. Er zal dus wel nog wild in het centrale deel vertoeven. Wij hebben er geen gezien, enkel de schreeuw van een Colobus aap viel ons te beurt. Op de weide rond de bungalows - het ziet er wat Zwitsers uit - grazen nu koeien en magere paarden.

wat een prachtige natuur
niet verwonderd dat Mount Kenia tot de 7 wonderen van Kenia genoemd wordt
voor meer foto's van Mount Kenia klik hier

Naar Nairobi

15 mei 2019. Twee rustige dagen later rijden we 175 km zuidwaarts naar Nairobi de tweede hoogst gelegen hoofdstad van Afrika (1.800 m). 3.400.000 inwoners in 1906 waren dat er amper 11.500. Het verkeer vertraagt als maar meer en nu staan we op een viaduct enkele minuten stil. We zijn bijna in het centrum van de stad, wij moeten naar het stadsdeel Karen dat ten zuid westen ligt, we moeten dus dwars door de stad en door de chaos.

op weg naar Nairobi kwamen we in een demonstratie tercht - gelukkig waren de demonstranten niet agresief
 
we rijden in een gans ander Kenia

Het centrum is verzadigd van grote en kleine bussen. Zoals elders in Afrika zijn het kamikaze piloten en erger nog dan Kampala is hun rijstijl ronduit agressief. Eén wil ons op een rond punt rechts voorbij maar ik rij uiterst rechts er is dus geen plaats, hij rijdt gewoon rechts tegen de FJ aan! De grote oude fel gekleurde en beschilderde bussen zien eruit alsof ze al maanden rally cross rijden. Een bluts meer of minder maakt niets uit voor die jongens. Op een paar kilometer - dat is ongeveer een uur rijden - zien we zelfs twee kleine botsingen.

opnieuw een huzarenstukje om hier door te rijden


De voorstad Karen is wat minder druk en minder chaotisch. We rijden grote met groen begroeide muren van grote residenties voorbij. Het is een van de dure wijken van Nairobi zo blijkt het en staat bekend om zijn grote Europese bevolking.

op de camping Jungle Junction staan meer dan 30 auto's van reizigers zoals wij

Uiteindelijk en na wat wikken en wegen hebben we gekozen voor een standplaats voor de FJ in Karen. Hier laten we ons mobiel huis achter tot we op 6 januari onze wereldtocht verder zullen zetten!

alles staat gepakt en gezakt, we kunnen vertrekken
voor meer foto's van onze laatste week in Nairobi klik hier

 

Dag FJ, trouwe vriend, we zien elkaar terug volgend jaar


onze route in Kenia

 

 

 
17/05/2019
01/05/2019
06/04/2019
21/03/2019
22/02/2019
02/02/2019
24/01/2019
22/01/2019
18/01/2019
17/01/2019
13/01/2019
Depart of part 4
12/01/2019
05/06/2018
30/05/2018
09/05/2018
14/03/2018
02/02/2018
25/01/2018
05/01/2018

Depart of part 3
05/01/2018

04/06/2017
28/05/2017
20/05/2017
02/05/2017
06/04/2017
09/03/2017
24/02/2017
23/02/2017
20/02/2017
15/02/2017
29/12/2016
28/12/2016
Depart of part 2
28/12/2016
08/05/2016
15/04/2016
08/04/2016
27/03/2016
 
 

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-

K

E

N

I

A

-